Mijn eerste eerste dag

“Voor alles is een eerste keer” zei mijn moeder vroeger.
Eerste schooldag. Eerste dansles. Eerste liefde. Eerste keer seks. Eerste glas alcohol. Eerste studie. En zo ook: de eerste keer naar buiten komen met iets wat echt kwetsbaar voor je is.

Ik zie mezelf nog zitten op de veranda bij mijn ouders. Op de zitzak.
“Hoe gaat het met je?” vroeg mijn moeder terwijl ze met een glas limonade aan kwam zetten. Ik keek naar de lucht. Het was een mooie zonnige namiddag. Zoals september deze kent.
Er vormde zich een brok in mijn keel: “zal ik het zeggen?”
Ik was het liegen zo zat. Voelde me ongelukkig. En dat is eigenlijk een understatement.
Ik voelde me klote. De schaamte zo groot. Om te zeggen dat het niet goed ging.
“Wat zouden ze wel niet van me denken?”

De brok in mijn keel werd groter. Plots stonden de tranen in mijn ogen.
“Mam, ik moet je wat vertellen, het gaat eigenlijk echt niet goed. Ik denk, nee ik weet eigenlijk zeker dat ik een eetstoornis heb.” Mijn moeder zat in een mum van tijd bij me. We praten op de veranda. Ik was opgelucht dat ik het verteld had. Maar ervoer ook zoveel schaamte. Mijn gedachtes hielden me bezig:

“Waarom overkomt mij dit? “Waarom kan ik het verdomme niet zelf oplossen?” “Waarom kan ik niet stoppen met calorieën tellen, lijnen en sta ik uren in de supermarkt op zoek naar eten?” “Why me?”

Nog geen week later zat ik met mijn ouders in het ziekenhuis. We woonden een lezing bij over eetstoornissen. Er waren ervaringsdeskundigen van Stichting Eetstoornissen Eindhoven aan het woord. Het verhaal van een jongen, die jarenlang had geworsteld met eten, raakte me. Ik voelde ontroering en opluchting omdat ik me ineens wat minder eenzaam voelde:

“Er waren meer mensen die hier mee geworsteld hadden.” “En: er was een oplossing.”

De maandag erna zat ik op intake bij bovengenoemde stichting. Opnieuw een eerste dag voor iets waarvan ik nooit vooraf bedacht had dat het me zou overkomen: een intake voor zelfhulp. Met knikkende knieën stond ik voor het gebouw. God, wat was ik bang. Voor de deur stond ik nog even te dralen. Met kloppend hart klopte ik op de deur. De spanning verdween naarmate het gesprek vorderde. De dame met wie ik een gesprek had, was erg begripvol. Opnieuw werd ik herkend en erkent in wie ik was. Mijn worstelingen werden begrepen.

Aan het einde van het gesprek zei de dame tegen me: “Er loopt sinds twee weken een nieuwe zelfhulpgroep, als je wil kun je vanavond nog starten.” Mijn hartslag steeg met 120 slagen per minuut. “Vanavond starten…” gonsde het in mijn hoofd. Rationeel wist ik echt wel dat dit het beste was. Daar kwam ik immers voor. Maar dezelfde avond… Damn! Die had ik even niet aan zien komen. Dat alles speelde zich uiteraard af, achter mijn glimlach. Want dat ik “scared as hell’ was, liet ik liever niet zien. Ik herpakte me met een: “Ja dat is goed, hoe laat moet ik dan hier zijn?”

En zo gebeurde het dat ik op maandagavond mijn eerste eerste dag, zelfhulp had. Ik kreeg (ironisch!) geen hap door mijn keel die avond. Er spookte er allerlei gedachtes door mijn hoofd:

“Hoe erg zou het met mij zijn?” “Zouden er anderen zijn die hier meer last van hebben?”
“Zou ik de dikste zijn?” “Zij zitten al twee weken in therapie en ik kom daar nu bij. Wat zouden ze van mij denken?” Even weer die twijfel: “Misschien valt het wel mee… en kan ik het toch nog zelf oplossen…”

Opnieuw voor het gebouw. Opnieuw de gang op. Opnieuw naar dezelfde ruimte waar de intake was. Ik stapte binnen en zag 6 andere meiden zitten. Ik schonk mezelf een kop thee in.
De eerste eerste dag hulp was een feit. Nogal een mijlpaal voor wiens eerste woorden waren: “Ikke zelluf doen.”

Vanaf dat moment zouden er nog vele eerste eerste dagen volgen. Goede en slechte dagen. Ja slecht ja. Ik hoor de life-coaches alweer roepen: “Minder positief bedoel je.” Nee, lieve mensen. Ik voelde me slecht. Het merendeel van mijn vrienden liep feestend en stralend hun studententijd door en mijn zieke angstige, dwangmatige brein, weerhield me op dat moment van heel veel leuks. En omdat ik op dat moment echt niet zelf de oplossing kon vinden, was het gewoon geen fijne tijd. En het helpt om dat dan ook te benoemen. Zo was het gewoon.

Maar gelukkig… leerde ik omgaan met dit alles en volgde er vele eerste, eerste dagen:

  • De eerste dag iets eten van mijn ‘verboden voedsel lijst’: een boterham met hagelslag!
  • De eerste dag weer echt kunnen genieten van een stuk taart op een feestje!
  • De eerste dag een half uur in de supermarkt (in plaats van 1,5 uur)!
  • De eerste eerste dag waarop je weer ‘terugvalt’ in je eetbuien!
  • De eerste eerste dag waarop je denkt dat het geen zin heeft.
  • De eerste eerste dag dat je zo godvergeten kwaad op de wereld bent, dat je niet wist dat je het in je had. (Keep smiling, was mijn eerdere strategie)
  • De eerste eerste dag dat je verdrietig bent en dat niet langer weg hoeft te eten. En dan gaat zien hoe je geneigd bent dan maar even te gaan sporten Omdat echt ervaren wat er is, zonder afleiding, een kunst is.
  • De eerste dag dat ik buiten liep, het zonnetje voelde en even niet aan eten dacht. Halleluja!
  • De eerste dag met weinig piekeren.
  • De eerste dag uit eten zonder 26x de menu kaart te checken! Amen!
  • De eerste eerste dag zonder eetbuien!
  • De eerste eerste dag dat je je gedrag doorziet.
  • De eerste eerste dag dat je ziet dat je geen controle hebt over eten en het leven!
  • De eerste eerste dag dat je met je vrienden lacht om je eetstoornis.
  • De eerste eerste dag, dat je ziet dat jij niet je gedachten bent.
  • De eerste eerste dag dat je ziet dat jij ook niet je gevoelens bent, maar ze gewoon ervaart!
  • De eerste eerste dag dat je moeitelozer door het leven glijdt.
  • De eerste eerste dag dat je gewoon in 5 minuten je boodschappen doet (en het niet eens in de gaten hebt).

De eerste, eerste dag…. Dat je weer straalt en lacht! En als het klote gaat, dat dat dan ook mag! Er zijn zoveel eerste eerste dagen geweest vanaf dat moment. Met vallen. En altijd
één keer meer opstaan. En zo kwam ook de eerste eerste dag waarop de vrijheid lonkte en ik besloot het leven verder te ervaren. De eerste eerste dag dat ik zelf ervaringsdeskundig was.

Deel dit bericht

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.